Internationaal Strafhof

ICC

Het Internationaal Strafhof van Den Haag is een permanent hof voor het vervolgen van personen die verdacht worden van genocide, misdaden tegen de menselijkheid, oorlogsmisdaden of agressie, zoals omschreven in het Statuut van Rome van de Verenigde Naties. Het werd opgericht in 1998 en begon te werken op 1 juli 2002.
Er moest eerst een akkoord bereikt worden over de definitie van "de misdaad agressie". Het aangenomen amendement bepaalde dat de (zeer uitvoerige) definitie van Resolutie 3314 van de VN-Algemene Vergadering zou gelden. Dit houdt onder meer in dat van agressie sprake is bij door een staat bedreven geweld zonder toestemming van de VN en zonder dat van zelfverdediging sprake is, dus waarbij het Handvest van de Verenigde Naties "duidelijk" geschonden wordt. De aanklager kan, mits machtiging van het Hof, zelf een onderzoek naar agressie instellen, dus zonder besluit van de Veiligheidsraad, maar die heeft wel de bevoegdheid een dergelijk onderzoek een jaar lang op te schorten, een termijn die telkens met een jaar kan worden verlengd.
Inmiddels hebben 124 landen, waaronder alle EU-lidstaten, het statuut geratificeerd, waarmee zij "verdragsstaat" ("state party") van het Hof zijn geworden. België werd verdragsstaat op 28 juni 2000, Nederland op 17 juli 2001, Suriname op 15 juli 2008. Landen die geen verdragsstaat zijn kunnen niettemin krachtens artikel 12, lid 3 van het Statuut van Rome de rechtsmacht van het Hof aanvaarden door een verklaring hiertoe te deponeren bij de griffier van het Hof. Ivoorkust deed dit in april 2003, maar trad in maart 2013 ook als verdragsstaat toe.
De Palestijnse Autoriteit heeft een dergelijke verklaring gedeponeerd in januari 2009, maar op 3 april 2012 besloot de aanklager dat deze niet aanvaard kon worden omdat Palestina weliswaar als staat erkend was door meer dan 130 landen, maar als zodanig nog niet door de Verenigde Naties. In november 2012 besloot de Algemene Vergadering van de VN Palestina te erkennen als "waarnemende staat niet-lid", hetgeen toetreding tot het Strafhof mogelijk maakte. Op 2 januari 2015 deponeerde Palestina de toetredingsdocumenten bij het Hof, waardoor het de 123ste verdragsstaat werd.
Op 17 april 2014 deponeerde Oekraïne een verklaring dat het de rechtsmacht van het Hof erkent voor misdrijven gepleegd op zijn grondgebied in de woelige periode van 21 februari 2013 tot 22 februari 2014. Op 8 september 2015 volgde een tweede verklaring: Oekraïne erkende hierin de rechtsmacht van het Hof ook voor gepleegde misdrijven na 20 februari 2014.
Enkele tientallen landen hebben het statuut wel ondertekend maar (nog) niet geratificeerd, waaronder de Verenigde Staten, Rusland, Iran, Israël, Soedan en Zimbabwe. Drie van deze landen, namelijk de Verenigde Staten, Israël en Soedan, hebben echter hun handtekening onder het statuut herroepen, daarmee te kennen gevend dat zij voor hun land de uit het statuut voortvloeiende verplichtingen niet meer erkennen.
In oktober 2016 kondigden drie Afrikaanse staten, namelijk Burundi, Zuid-Afrika en Gambia, aan zich uit het Strafhof terug te trekken, meestal nadat de aanklager een verkennend onderzoek naar gewelddaden had geopend en ze werden beschuldigd van marteling van en moord op politieke tegenstanders.
In november 2016 trok president Poetin per decreet de Russische ondertekening van het stichtingsverdrag in. Aanleiding hiervoor was het besluit van het Strafhof het conflict in Oost-Oekraïne te bestempelen als een internationaal conflict tussen Rusland en Oekraïne. Rusland is ook geïrriteerd over een onderzoek van het Strafhof naar mogelijke oorlogsmisdaden door Russische troepen in Georgë in de Russisch-Georgische Oorlog van 2008. Volgens mensenrechtenorganisaties komen ook de Russische luchtbombardementen op Aleppo in Syrië neer op oorlogsmisdaden. In de praktijk verandert er niet veel, omdat Rusland het verdrag nooit heeft geratificeerd, waarmee het de rechtsmacht van het Strafhof ook nooit heeft geaccepteerd.
In maart 2019 trok de Filipijnse president Duterte zijn land “per direct” terug uit het Strafhof. Eerder al had de president kritiek geuit op een vooronderzoek van de aanklagers van het Hof naar mogelijke buitengerechtelijke executies.

Kritiek!
Als staten geen gehoor geven aan een arrestatiebevel van het Internationaal Strafhof, dan dreigt het zijn macht te verliezen. Alle lidstaten zouden moeten meewerken!
In juni 2015 bezoekt de Soedanese president Omar al-Bashir Zuid-Afrika. Geen vanzelfsprekende bestemming, want als hij voet aan de grond zet in het Afrikaanse land, loopt hij het risico om gearresteerd te worden. Het Internationaal Strafhof heeft immers een internationaal aanhoudingsbevel uitgevaardigd, omdat al-Bashir wordt beschuldigd van oorlogsmisdaden, misdaden tegen de mensheid en genocide voor zijn rol bij het geweld in de Soedanese regio Darfoer.
Het bezoek gaat uiteindelijk gewoon door en al-Bashir wordt niet gearresteerd. Het Hof heeft spijtig genoeg geen politiemacht en kan zijn beslissingen niet afdwingen. Het rekent er dan ook op dat de 124 landen hun verantwoordelijkheid nemen. Als ze dat niet doen, staat het Internationaal Strafhof machteloos.
Zuid-Afrika is niet het eerste land dat weigert gevolg te geven aan een arrestatiebevel van het Internationaal Strafhof. Zo bracht president Poetin in september 2024 een bezoek aan Mongolië. Ook tegen hem is een aanhoudingsbevel uitgevaardigd maar hoewel Mongolië het Statuut van Rome heeft ondertekend, wordt Poetin niet gearresteerd.
In de VS werd in 2002 de 'Hague Invasion Act' goedgekeurd. Deze wet werd ondertekend door president George W. Bush en is bedoeld om Amerikaanse militairen en bondgenoten (dus ook Israël) te beschermen tegen vervolging door het Internationaal Strafhof! Tja.

De arrestatie van Duterte, ex-president van de Filipijnen, in maart 2025 is een opsteker voor het Internationaal Strafhof, dat dringend verlegen zit om een nieuw strafproces. Momenteel lopen er slechts enkele rechtszaken. De agenda met zittingen is vrijwel leeg. Met Duterte als voormalig staatshoofd heeft het ICC een grote vis en een zaak die nieuwe kansen biedt.
Het resultaat van het Internationaal Strafhof is, gemeten naar veroordelingen, inderdaad erg mager. Sinds de start in 2002 werden nauwelijks zes Afrikaanse militieleiders schuldig bevonden aan internationale misdrijven. Veel strafzaken, ook die tegen topleiders, flopten. Na lange processen en detentiejaren werden de Congolese vicepresident en rebellenleider Jean-Pierre Bemba en de Ivoriaanse ex-president Laurent Gbagbo vrijgesproken. De zaken tegen zes Kenianen, onder wie toppolitici en hoge functionarissen, stortten in.
Het hof blunderde vaak zelf en stond bekend om slechte interne werkverhoudingen. Zo wordt de huidige hoofdaanklager Karim Khan beschuldigd van seksuele intimidatie. Het ICC heeft te maken met ondermijning door verschillende landen en president Trump kondigde op 6 februari, net als tijdens zijn eerste termijn, sancties af tegen strafhoffunctionarissen en hun families, zoals het bevriezen van tegoeden en het weigeren van visa. ICC-president Tomoko Akane verklaarde daarop dat de onafhankelijkheid en onpartijdigheid’ van het Internationaal Strafhof geschaad worden en miljoenen onschuldige slachtoffers van wreedheden worden beroofd van gerechtigheid en hoop.
Neen, het Hof is geen activistische organisatie. Het gaat alleen achter verdachten aan als een land niet bereid of in staat is om een strafrechtelijk onderzoek te doen.


Donkergroen: verdragsstaten
Oranje: staten die het statuut ondertekend hebben maar tot nu toe geen verdragsstaat zijn geworden

ICC in de wereld