|
S E R V I E |
|
|
Servië is een land in het zuidoosten van Europa, deel van het voormalige Joegoslavië. Buurlanden zijn Hongarije, Roemenië, Bulgarije, Albanië (of Kosovo) en de ex-Joegoslavische staten Kroatië, Montenegro, Macedonië en Bosnië-Herzegovina. Ingeklemd tussen deze acht landen, beschikt Servië niet over een kustlijn.
De belangrijkste rivier van Servië is de Donau. Deze 2850 km lange rivier stroomt 588 km over Servisch grondgebied, vooral door het noordelijke deel van het land.
Het noordelijk deel van Servië is overwegend vlak en staat bekend als de graanschuur van Servië, met uitzondering van een tachtig kilometer lang bosgebied, Fruška Gora. Het hoogste punt hier is Crveni Cot (539 m).
Opvallend in het centrum zijn de zandvlaktes die zich tot bij de hoofdstad Belgrado uitstrekken.
Ten zuiden van de Donau, in het oosten van het land, liggen kalkstenen bergketens, bekkens en oudere gebergten bij de Bulgaarse grens.
De hoogste bergen liggen in Kosovo, met als hoogste piek de Ðeravica (2656 m), vlakbij de grens met Albanië en Montenegro.
Politiek
De Republiek Servië is een parlementaire democratie. Aan het hoofd staat een president. De huidige president (sinds 2004) is Boris Tadic van de Democratische Partij. Hij werd voor een nieuwe termijn herkozen bij de presidentsverkiezingen van 2008, waarbij hij de nationalistische Servische Radicale Partij versloeg. De premier van Servië is sinds 2008 de onafhankelijke Mirko Cvetkovic.
Kosovo is een protectoraat van de UNMIK-missie van de Verenigde Naties. Op 17 februari 2008 riep het parlement van Kosovo eenzijdig de onafhankelijk uit, maar deze wordt vooralsnog niet door een meerderheid van de internationale gemeenschap noch door Servië zelf erkend. Het gros van de lidstaten van de Europese Unie en veel andere westerse machten erkennen Kosovo's onafhankelijkheid wel en hebben, tot ongenoegen van Servië en zijn vaste bondgenoot Rusland, niet geaarzeld om diplomatieke relaties met het land aan te knopen.
Servië heeft de ambitie toe te treden tot de Europese Unie. Het land vroeg op 22 december 2009 officieel het lidmaatschap aan en heeft al verklaard dat de Kosovokwestie los van de interesse in toetreding tot de EU moet worden gezien.
In 1919 ging het Koninkrijk Servië met de nieuw gevormde Staat van Slovenen, Kroaten en Serven op in het Koninkrijk der Serviërs, Kroaten en Slovenen. Vanaf 1929 kreeg het de naam Koninkrijk Joegoslavië.
Tijdens de bezetting van Servië door nazi-Duitsland werd in Belgrado een marionettenregering aangesteld onder leiding van generaal Milan Nedic.
Joegoslavië werd in 1945 een federale republiek, maar in de jaren-90 zou die langzaam en vaak gewelddadig uit elkaar vallen. Dit leidde tot de situatie dat Servië tussen 1992 en 2006 met Montenegro een federatie vormde (de Federale Republiek Joegoslavië).
Op 3 juni 2006 echter riep Montenegro zijn onafhankelijkheid uit en daardoor werd ook Servië een onafhankelijke staat. Zowel in de periode van het koninkrijk als ten tijde van Joegoslavië en de federatie met Montenegro was Servië het grootste en dominantste landsdeel en de opsplitsing in 2006 was dan ook weinig gewenst. De officiële Servische onafhankelijkheidsverklaring kwam op 5 juni 2006.
Op 17 februari 2008 scheidde Kosovo zich af van Servië en riep zichzelf uit tot onafhankelijke staat. Tot op vandaag erkent Servië, samen met een meerderheid van de internationale gemeenschap, inclusief Rusland, de voornaamste bondgenoot van Servië, deze onafhankelijkheid niet -dit in tegenstelling tot 72 andere landen, waaronder de meeste leden van de Europese Unie, de Verenigde Staten en de meeste andere westerse mogendheden. Op 22 juli 2010 oordeelde het Internationaal Gerechtshof dat de eenzijdige onafhankelijkheidsverklaring niet in strijd is met het volkenrecht.
Slobodan Milosevic, oud-president van Servië, werd door het Joegoslaviëtribunaal beschuldigd van oorlogsmisdaden in Kroatië, Kosovo en Bosnië en Herzegovina. In een tussenvonnis uit 2004 oordeelde het Tribunaal dat Milosevic schuldig is aan massamoord en oorlogsmisdaden in zeven gemeentes in Bosnië en Herzegovina, waaronder Srebrenica en Prijedor.
Op 21 juli 2008 wordt Radovan Karadzic in Servië gearresteerd: hij werd gezocht door het Joegoslaviëtribunaal vanwege zijn rol tijdens de Bosnische Oorlog als leider van de Servische entiteit in de republiek Bosnië en Herzegovina (de zogenaamde Servische Republiek). Zie ook: dossier Verenigde Naties.
|
Uit het jaarrapport 2010 van Amnesty International (2009) Doodstraf: afgeschaft voor alle misdrijven. Levensverwachting: 73,9 jaar. Sterftecijfer onder 5 jaar (m/v): 15/13 per 1000. Alfabetisme onder volwassenen: 96,4 %. Servië boekte vooruitgang in het vervolgen van oorlogsmisdaden voor nationale rechtbanken. Minderheidsgemeenschappen werden nog steeds gediscrimineerd in zowel Servië als Kosovo, waar geweld tussen etnische groeperingen bleef voorkomen. Een politie- en justitiemissie onder leiding van de Europese Unie nam de verantwoordelijkheden over van de VN-Missie in Kosovo (UNMIK). Meer vluchtelingen werden gedwongen teruggestuurd naar Kosovo. |
Turks-Koerdische activist Ecevit Piroğlu!
Ecevit Piroğlu wordt sinds juni 2021 willekeurig vastgehouden in een detentiecentrum in Servië.
Ondanks een uitspraak van de Servische rechtbank dat hij niet kan worden uitgeleverd, loopt hij blijvend risico om teruggestuurd te worden naar Turkije, waar hij gevaar loopt. Uit protest tegen zijn aanhoudende detentie ging hij op 12 februari in hongerstaking. Sindsdien is zijn gezondheid aanzienlijk slechter geworden en krijgt hij geen adequate medische zorg.
Amnesty International eist zijn onmiddellijke vrijlating en in afwachting daarvan moeten de autoriteiten adequate medische zorg voorzien.
Ecevit Piroğlu heeft de Turkse nationaliteit en behoort tot de Koerdische etnische minderheid. Hij is politiek activist en een van de oprichters van de Socialistisch-Democratische Partij. In juni 2021 werd hij op de internationale luchthaven van Belgrado door de Servische autoriteiten gearresteerd op basis van een arrestatiebevel van Interpol. Dat was door de Turkse autoriteiten uitgevaardigd wegens vermeend lidmaatschap van een terroristische organisatie. Piroğlu verblijft momenteel in een detentiecentrum voor irreguliere migranten. Het argument dat hij irregulier in Servië was, wordt betwist door zijn advocaten.
Hoewel het uitleveringsbevel van Turkije door een Servische rechtbank is afgewezen, blijft er risico dat de autoriteiten hem zullen uitleveren aan Turkije. Dat is in strijd met het internationale recht dat verbiedt om personen terug te sturen naar een land waar ze het risico lopen op ernstige schendingen van de mensenrechten. Als lid van de Koerdische minderheid en omwille van zijn politiek activisme loopt Ecevit Piroğlu inderdaad gevaar in Turkije.
Op 9 juli 2024 werd Piroğlu vrijgelaten uit het detentiecentrum.
2026: een jaar van protest tegen corruptie
President Aleksandar Vučić ontbond in oktober het parlement en voorziet vervroegde verkiezingen voor 25 oktober. Vučić en zijn regering staan al meer dan een jaar onder druk: bijna wekelijks vinden protesten plaats om de corruptie onder zijn beleid aan te klagen. Daarom ook dat hij in juni al zijn ontslag had aangekondigd. Hij is echter niet van plan om gewoon naar de achtergrond te verdwijnen en hoopt de verkiezingen te winnen met zijn Servische Progressieve Partij en zo de volgende premier van Servië te worden. Voor het presidentschap kan hij niet meer gaan want er is een limiet van 2 termijnen per president. Er zal ook een aparte verkiezingsstrijd komen om een nieuwe president te kiezen.
Vučić is een van de langst regerende presidenten van Europa. Hij is al sinds 2012 aan de macht. Dat Vučić en zijn kabinet nu onder druk staan, is een understatement gezien de bijna wekelijks protesten in Belgrado en andere steden doorheen het land.
Die protesten dateren al van 1 november 2024, toen een dodelijk incident plaatsvond aan het treinstation van Novi Sad. Daar kwam een deel van een betonnen afdak boven de ingang van het station naar beneden.
Maar liefst 16 mensen kwamen daarbij om het leven. De demonstranten verwijten de regering dat door haar verregaande corruptie renovaties aan gebouwen ondermaats blijven. Daarnaast beschuldigt de oppositie Vučić ervan enkele democratische vrijheden te beperken en banden te hebben met de georganiseerde misdaad. De protesten tegen de regering zwellen op sommige dagen aan tot honderdduizend(en) mensen.
Servië is ook kandidaat om zich aan te sluiten bij de Europese Unie, maar onder het beleid van Vučić is die kandidatuur een stuk vertraagd. Dat komt onder meer door de banden die de president onderhoudt met Rusland en China. Europese leiders reageerden ook woedend vanwege de grote betrokkenheid van de Servische staat bij de begrafenis van de veroordeelde oorlogsmisdadiger Ratko Mladić, ook bekend als 'de slager van de Balkan'. Die was van 1992 tot 1995 opperbevelhebber van de Bosnisch-Servische troepen. Op 22 november 2017 werd hij door het Joegoslaviëtribunaal van de Verenigde Naties in Den Haag veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf wegens deelname aan genocide, misdaden tegen de menselijkheid en oorlogsmisdrijven. Hij stierf op 27 augustus 2026 in Scheveningen, maar de regering wil hem dus nog een staatsbegrafenis geven in Servië zelf.
De verkiezingen staan op scherp door een sterke opkomst van een door studenten geleide protestbeweging, die dicht tegen de regeringspartij aanleunt in de peilingen. De aanloop naar de stembusgang wordt wel overschaduwd door vrees voor geweld, intimidatie, cyberaanvallen met spyware en rapporten over politiegeweld tegen demonstranten. De politie pakte kort voor de verkiezingen al zes personen op die geweld zouden voorbereiden.